20-11-10

Geen woorden.

100_0372[1].jpg

Foto uit het album van het Gardameer.

Geen woorden.

Ik vind geen woorden

Om mijn gevoelens

Voor jou te uiten.

 

De woorden komen niet vanzelf.

Ik probeer een

Weg te vinden,

Om te zeggen

Dat ik van je hou.

 

Het is al

Laat in de avond,

En je wandelt naast mij.

 

Iedereen kijkt naar jou,

En ik denk:

Wat ben je mooi,

En zie je

Er schitterend uit.

 

Nu is het

Tijd om afscheid

te nemen en

naar huis te gaan.

 

Maar nog steeds

Heb ik de

Woorden niet gevonden

Om te zeggen

Dat ik van je hou.

 

 

10:34 Gepost door Martin in Algemeen, Liefde | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

13-11-10

De wolk en het meisje.

100_0369.jpg

Foto uit het album van het Gardameer.

De wolk en het meisje.

Verward in de jaloerse notenbalk

van de bestofte telegraafdraad hangt

een forse vlieger: heel wat stormen zullen

er nodig zijn om hem kapot te krijgen.

Het is een onbevangen liefdesbrief

onlangs door een of andere lentewolk

gezonden aan een meisje uit de voorstad,

dat deze onstuimige liefdesverklaring

van de slagroomgigant niet wist te plaatsen,

want wild in ’t water plenzend met haar handen

sloeg zij waanzinnig op hem in, nadat

zij in de spiegelende rootvaart plots

ontdekt had hoe hij vol verrukking ’t gouden

omhulsel van haar naakte lijf bespiedde.

Ze rende ’t warme gras op om zich snel

te drogen: de insecten werden parels

en ’t grote hemelbeest bezette ’t water.

Maar ’s avonds viel er sneeuw, en aan de ramen

stonden vrouwen de wereld te bekijken

met hun kwaadaardige poppenblik. Blootsvoets

verscheen op ’t binnenplein een jongetje

dat in zijn hand een groene appel hield

die als een uitgedoofde lamp verschimmeld

stonk naar gestorven vuur: blind dansten boven

de daken de aan elkaar gebonden houten

zwaluwen aan een draad van elastiek.

 

Geschreven door Cornado Govoni.

 

10:29 Gepost door Martin in Liefde | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

06-11-10

Wiegeliedje voor de geliefde.

100_0368.jpg

Foto uit het album van het Gardameer.

Wiegeliedje voor de geliefde.

Dat trage zich toevouwen je oogleden

te dragen het loom fluweel van onze nacht.

 

Onze dag is geweest als blanke vazen, die waren blij

de bloemen van ons liefdesspel te scharen rei aan rei.

 

Nu zal je slapen, mijn teergeliefde kind,

want morgen moet je ogen openen: ’n zeer fris blad dat beeft in morgenwind.

 

Nu zal je slapen, mijn zachte kind, in de kuil van je haren;

straks is het dag, dan moeten wij weer tuilen lezen gaan.

 

Morgen zal er uit het Oosten, ’n koning komen, met nieuwe bruidskleren voor ons beiden;

hem zullen wij, arm in arm, als kinderen in het woud, verbeiden.

 

Knijp nu je ogen dicht, mijn luie luipaard

en strek je heupen naar je lust. Ach du…du.

 

Geschreven door Paul van Ostaijen.

 

10:29 Gepost door Martin in Algemeen, Liefde | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

01-11-10

Mijn leven is veranderd.

100_0367.jpg

Foto uit het album van het Gardameer.

Mijn leven is veranderd.

Ik kan niet

meer leven zonder jou.

Sinds dat jij

in mijn leven kwam,

is dit veranderd.

Elke keer dat

je me aankijkt,

weet dan dat

ik je lief heb.

Mijn hart zegt

dat ik van je hou.

Mocht je toch

opeens uit mijn leven verdwijnen,

weet dan dat

ik steeds op

jou zal wachten.

Want mijn leven

is niets zonder jou.

 

 

11:18 Gepost door Martin in Liefde | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

25-10-10

Wat een boosheid was er in die mist

100_0364.jpg

Foto uit het album van het Gardameer.

Wat een boosheid was er in die mist

Wat een boosheid was er in die mist.

Maar we wilden nog even blijven.

Hand in hand gingen we over het pad

langs het pijlkruid in de vijver

in een plotse kleine regen

van gele pruimenbloesem.

Jong en mooi was ik, wat zou het

wat de mensen dachten,

tot dat angstig moment dat je

werkelijk moest gaan.

De tijd loopt telkens over

naar de vijand.

Ik ben terug, ik mag weer

staren in de spiegel.

 

Geschreven door Zhu Shuzhen.

 

11:20 Gepost door Martin | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

23-10-10

Op de toren.

100_0362[1].jpg

Foto uit het album van het Gardameer.

Op de toren.

Ik sta op het hoge torenbalkon,

Kan spreeuwen rond mij scheren voelen,

En als een maenade laat ik de storm

In mijn fladderende haren woelen;

O wilde gezel, o dolle trawant,

En, pees tegen pees, een pas van de rand,

Op leven en dood je bekampen.

 

Daarginds op het strand zie ik, zo fris

Als honden, de golven dartelen,

Zij stoeien rond met geklets en gesis

En glanzende vlokken spartelen.

O, springen zij er meteen in,

Recht in de briesende meute,

En jagen door het koralen woud heen

Op walrussen, dat is pas leute!

 

Daarboven zie ik een wimpel waaien,

Als een franke standaard uitgedost,

Zie ik op en neer de kiel zich draaien

Van mijn winderige uitkijkpost;

O, zat ik maar in het strijdende schip,

Het roer zou ik gaarne hanteren,

En sissend over de brandende klip

Zoals de zeemeeuwen scheren.

 

Was ik een jager in het vrije veld,

Een stukje maar van een soldaat,

Of minstens toch een mannelijk held,

Dan bracht de hemel mij wel raad;

Nu moet ik zitten hier, fijn en klaar

Als een beleefd, gehoorzaam kind,

En mag slechts heimelijk mijn haar

Wat laten fladderen in de wind!

 

Geschreven door Annette van Droste-Hulshof.

 

10:28 Gepost door Martin in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

19-10-10

Prometheus geboeid.

100_0361[1].jpg

Foto uit het album van het Gardameer.

Prometheus geboeid.

O hemelse luchten en snelgewiekte winden,

O waterbronnen en het eindeloos wachten

Van de golven van de zee,

O almoeder, grote moeder van de aarde,

O alziend zonnerad, u roep ik aan!

Zie wat een god wordt aangedaan door goden!

 

Aanschouw de schandelijke smart

Die ik doorsta, de pijnen die mij

Kwellen zullen in tijden

Zonder eind.

Dit zijn de smadelijke boeien

Die mij de heerser der Gezegenden

Heeft toebedacht,

Die nieuwe heerser.

Wee, wee: ik klaag om de pijn

Die is, om de pijn die komen zal.

Waar zal ooit het einde dagen

Van dit leed?

Maar wat praat ik? Weet ik niet alles

Wat me te wachten staat helder vooruit?

Er is geen smart die me verrassen kan.

Ik moet mijn lot zo goed mogelijk dragen:

Tegen de Noodzaak is geen macht bestand.

Maar even moeilijk is het om te zwijgen

Over mijn noodlot dan om niet te zwijgen.

De mens gaf ik geschenken en daarom

Moet ik nu zuchten onder dit wrede juk.

Ik die de oerbron – heimelijk – van het vuur

Buitmaakte en in de narthex-stengel borg,

Het vuur dat voor de mens leraar werd

Van alle kunsten, en zijn machtigst middel.

Dat is zonde waarvoor ik de prijs nu

Betaal, geboeid, onder een naakte hemel.

A, a, ai, ai!

Welk gedruis, welke geur, onzichtbaar,

Ruist op mij af?

Is het iets goddelijks, of van de mens,

Of van iets daartussen?

Is iemand gekomen naar deze klip

Aan de grens der wereld

Om daar te staren naar hoe ik lijd,

Of waartoe anders?

Zie mij, een geboeide, rampzalige God,

De vijand van Zeus, door alle goden,

Die aan het hof van Zeus verkeren

Gehaat, omdat ik de mens te lief had!

Wee, wee, ik hoor het weer, dichtbij:

Vogels misschien? De hemel gonst

Van het geluid van trillende vleugels.

Alles wat nadert brengt vrees voor mij mee.

 

Geschreven door Aischylos.

 

 

10:54 Gepost door Martin | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |